Niemand ontkomt er aan in het leven: verlies en afscheid nemen. Of we nu een dierbaar iemand kwijtraken of een voorwerp waar we aan gehecht zijn, de verwerking kost altijd tijd. Ontkenning, verdriet en boosheid zijn gevoelens die daar onderdeel van uitmaken.
Rouwprocessen horen bij het leven, zegt psychologe Aly van Geleuken.
“Vaak koppelen we het woord rouwen aan de dood van een dierbare, maar er zijn ook allerlei andere situaties waarin sprake is van verlies en waaraan we moeten wennen”. Aly is hoofd van het Depressie Centrum van het Nationaal Fonds Geestelijke Volksgezondheid (NFGV). “Rouwen”, zegt ze, “is in situaties van verlies een normale reactie. Mensen die bijvoorbeeld met pensioen gaan en zich van tevoren erg verheugen op de vrije tijd die ze krijgen, merken dat de eerste periode vaak helemaal niet zo leuk is als ze dachten. Ze zijn hun oude rol kwijtgeraakt. Dat kan heel verwarrend zijn, ze moeten wennen aan de nieuwe situatie.” Diezelfde vertwijfeling kan toeslaan bij het krijgen van een eerste kind. “Er komt iets bij, iets moois, een baby! Maar veel nieuwe ouders voelen zich niet direct gelukkig, want ze zijn ook iets kwijtgeraakt: hun oude leventje”. Van Geleuken licht toe: “dat leventje moeten ze loslaten, willen ze zich kunnen aanpassen aan de nieuwe situatie. Daar kan een mens erg onzeker van worden en dat gevoel is volkomen in strijd met wat je ‘hoort’ te voelen, namelijk ‘innig gelukkig zijn’. Niet dus.”
- Rituelen
“Rituelen kunnen een belangrijke rol spelen bij het verwerken van verlies”
Verlies, afscheid nemen, het zit ‘m vaak in kleine dingen die een groot effect hebben, aldus de psychologe. “Je fiets wordt gestolen, de auto waarmee het hele gezin jarenlang op vakantie is geweest gaat de deur uit, een kind raakt een stuk speelgoed kwijt, je ogen gaan achteruit… Allemaal veranderingen waar mensen vooraf niet bij stilstaan. En hoewel iedereen verschillend reageert op dergelijke situaties, is het goed om je wél te realiseren dat er iets veranderd is of veranderen gaat. Want dat heeft consequenties!” verduidelijkt Aly.
“Rituelen kunnen een belangrijke rol spelen bij het verwerken van verlies”, vervolgt ze. “Die geven handen en voeten aan gevoelens. Ik sprak laatst de moeder van een gezin, waar de vader jaren eerder overleden was. Ze hadden een nieuw huis gekocht en gingen nu verhuizen. Omdat ze de overleden vader bij wijze van spreken niet alleen in het oude huis wilden achterlaten, besloten de gezinsleden, gezamenlijk een brief aan de vader te schrijven en die in het oude huis te verstoppen. Op een plek waar de nieuwe bewoners die niet zo snel zouden vinden. Heel ontroerend, vond ik. Zo’n ritueel lijkt misschien gek, maar het zit vol symboliek en kan veel troost bieden. Huizen zijn heel belangrijk in een mensenleven. Daar gebeurt in de loop der tijd van alles. Mooie en verdrietige dingen.”

Het overlijden van een dierbare is één van de meest ingrijpende verliezen die een mens kan krijgen te verduren. De reactie daarop verloopt vrijwel altijd volgens een vast stramien, een vast aantal fasen die iedereen door moet maken. Ontkenning, verdriet, boosheid, berusting, acceptatie - het hoort er allemaal bij. “Natuurlijk zijn er ook verschillen”, zegt Aly van Geleuken. “Bij het overlijden na een lang ziekbed spelen andere gevoelens mee dan bijvoorbeeld bij een onverwacht ongeluk. Ik wil niet zeggen dat het gemákkelijker is, maar de nabestaanden zijn soms ook opgelucht, omdat de zieke uit zijn lijden verlost is. Mensen die worden geconfronteerd met een zelfmoord daarentegen zijn in eerste instantie heel boos.”
Aan rouwen kan niemand zich onttrekken, maar iedereen doet het op zijn eigen manier. Verzet ertegen – ‘Ik wil dit niet’ – hoort er ook bij. Iedereen moet door die (persoonlijke) rouwfase heen en dat kan een moeilijk proces zijn. Hans Wiegel vertelde onlangs op tv, kort nadat hij voor de tweede keer zijn vrouw als gevolg van een verkeersongeluk verloor, hoe hij opzag tegen het rouwen: ‘Ik wil nu niet meer zo lang overal doorheen moeten’. “Maar”, benadrukt Aly van Geleuken, “na de dood van een dierbare is je leven minstens een jaar niet zoals je het zou willen. Het doet pijn. En toch is rouwen nodig om het verlies te kunnen aanvaarden”.
“Het is niet goed om in een rouwproces te blijven hangen”, vertelt de psychologe. “Wie erin blijft vastzitten, heeft vaak professionele hulp nodig om zich weer los te kunnen wrikken. Dat zie je nogal eens na een lang ziekbed, waarbij de partner veel tijd heeft gestoken in het verzorgen van de ander en lang niet meer aan een eigen leven is toegekomen. Door het overlijden valt er dan een groot gat. Voor ouderen is het ook moeilijker de veerkracht op te brengen, het verleden los te laten. Toekomstmogelijkheden spelen een grote rol in het geheel en ouderen hebben over het algemeen natuurlijk minder perspectieven dan jongeren.”
Van Geleuken vindt het moeilijk een algemeen rouwadvies te geven. “Iedereen rouwt verschillend. Voor de één is het goed om regelmatig het graf te bezoeken, anderen daarentegen blijven daardoor juist te veel aan het verleden hangen. Luister in elk geval altijd goed naar je gevoel”, is haar advies. “En wees niet bang die gevoelens toe te laten.” Daarnaast biedt het delen van ervaringen – via lotgenotencontactgroepen of het lezen van egodocumenten met verhalen van mensen die hetzelfde hebben meegemaakt – volgens de psychologe vaak een warm gevoel van er- en herkenning.
En hoe kun je als vriend/vriendin, buur of familielid omgaan met iemand in de rouw? Aly van Geleuken wijst in dit verband op het belang van luisteren en begrijpen. “Mensen die niet goed weten wat ze moeten zeggen, kunnen daar beter maar gewoon eerlijk over zijn: zéggen dus dat je niet weet wat je moet zeggen.”